Wat is een pad?
Een pad legt een traject vast met een beginpunt, een richting en een vaste volgorde. Het dient als referentie voor metingen en berekeningen.
Je kan een pad vrij tekenen, opbouwen op basis van bestaande objecten of beide combineren. De bestaande objecten waarop het pad steunt, blijven afzonderlijk bestaan.
De volgorde waarin je posities, punten of objecten opneemt, bepaalt hoe het traject verloopt.
Waarom zijn het beginpunt en de richting belangrijk?
Vanaf het beginpunt berekent Pythagoras de cumulatieve afstand: de afstand die je langs het traject hebt afgelegd. De afstandtelling begint bij de waarde die je bij het kenmerk Eerst station hebt ingesteld.
De richting bepaalt ook wat links en rechts van het pad ligt. Dat gebruik je bijvoorbeeld om punten naast het traject te plaatsen of een talud aan een bepaalde zijde te berekenen.
Waarbij gebruik je een pad?
Een pad kent verschillende toepassingen:
• De lengte van een traject meten, bijvoorbeeld de totale horizontale of schuine lengte.
• Punten cumulatief uitzetten ten opzichte van een traject, met een afstand langs het pad, een loodrechte afstand ernaast en een absolute hoogte of hoogteverschil via CDZ-coördinaten.
• Lengteprofielen en dwarsprofielen berekenen. *
- Een lengteprofiel berekenen langs een pad of polylijn: Hoe een terreinprofiel maken
- Dwarsprofielen berekenen loodrecht op een pad.
- Meerdere lengteprofielen tegelijk genereren.
- Extra referentieobjecten en snijpunten opnemen in profielberekeningen. (Referenties en snijpunten)
• Taluds berekenen, vertrekkend van een pad of polylijn*.
- Ontwerpen van een talud met een vaste helling
- Een talud op vaste afstand laten aansluiten op het bestaande terrein
• Taludarcering tekenen tussen twee paden
• Hoogtes van polylijnen berekenen ten opzichte van een referentietraject, op basis van een vaste helling of een vast hoogteverschil.
• Een tracé via LandXML uit wisselen. Een geselecteerd pad wordt als Alignment geëxporteerd, met horizontale geometrie en verticale profielgegevens. Lijnen, bogen en clothoïdes behouden daarbij hun geometrische definitie.
• Coördinaten importeren en exporteren ten opzichte van een pad, met cumulatieve afstand langs het pad, zijdelingse afstand en hoogte.
* Sinds Pythagoras V23 kan je voor lengteprofielen, dwarsprofielen en taluds ook rechtstreeks een polylijn gebruiken. Wil je extra referentieobjecten of snijpunten in een profiel opnemen, gebruik dan een pad als referentietraject.
Was dit artikel nuttig?
Dat is fantastisch!
Hartelijk dank voor uw beoordeling
Sorry dat we u niet konden helpen
Hartelijk dank voor uw beoordeling
Feedback verzonden
We stellen uw moeite op prijs en zullen proberen het artikel te verbeteren