Correcte 3D-polylijnen tekenen in Pythagoras

Gewijzigd op Ma, 4 Aug om 11:36 AM

Foutloze 3D-polylijnen: werken met hoogtepunten en segmenttypes

Bij het tekenen van een bochtige polylijn in 3D is het belangrijk dat elk punt in de polylijn een correcte hoogte (Z-waarde) krijgt. Als je dit niet zorgvuldig doet, zal de lijn bij bochten ongewenst naar Z=0 springen.

Pythagoras ondersteunt het tekenen van polylijnen met bochten én hoogte-informatie, op voorwaarde dat je de juiste aanpak hanteert.


WERKWIJZE A

Gebruik het polylijn-gereedschap en de juiste aangrijpinstellingen

Stap 1: Start het gereedschap "Creéer polylijn"

Klik op het icoon Creéer polylijn in de toolbox aan de linkerkant van je scherm.

Onderin je scherm verschijnt de melding: Klik om startpunt van polylijn te bepalen.


Tips om punten met correcte hoogte-informatie te plaatsen

  • De cursor snapt automatisch op objecten en hun hoogte zoals in je Aangrijpen Info geactiveerd.

  • Je kan tijdelijk het aangrijptype beperken door de bijhorende sneltoets ingedrukt te houden. Zo wordt enkel naar punten (P) gegrepen.

  • Kijk ook naar het controlepaneel: als Z = 0.000, dan heb je een punt zonder hoogte aangeklikt.

  • Wordt er niet gesnapt, en staat Puntbevestiging aan? Druk op Enter en geef in het controlepaneel manueel een hoogte in.


Stap 2: Wissel naar het juiste segmenttype

Voordat je het eerste punt plaatst, druk op spatiebalk om te wisselen tussen:

  • lijnsegment

  • boogsegment

  • curve-segment

Voor bochten gebruik je het best boogsegment of curve-segment.


Stap 3: Vervolg segmenten tekenen

Onderin het scherm zie je steeds welke stap je moet uitvoeren.

  • Wil je overschakelen naar een recht lijnsegment? Druk opnieuw op spatiebalk.

  • Blijf alert op de tips bij stap 1 om correcte hoogtes aan te houden.

  • Teken zo verder met segmenten die elk correct op hoogte zitten.


Stap 4: Valideer de polylijn

  • Druk op Enter om de polylijn af te ronden.


Werkwijze B: Teken in 2D en projecteer op DTM

Als je al een terreinmodel (DTM) hebt:

  1. Teken de lijn als 2D-polylijn.

  2. Rechtermuisklik op de lijn > Bewerken > Projecteer op DTM.

  3. Selecteer het juiste DTM.

De lijn wordt dan aan het terrein "geplakt" en krijgt de hoogtewaarden van het DTM. Dit werkt alleen goed als het terreinmodel betrouwbaar en volledig is.


Controle van het resultaat

Dubbelklik op je polylijn om de eigenschappen te bekijken.

  • In het tabblad Polylijn zie je het aantal segmenten, de schuine lengte, helling per segment en het type (lijn/boog).

  • Hiermee controleer je of je lijn correct als 3D-polylijn is opgebouwd.


Bekijk de polylijn in 3D-weergave.



Belangrijke tips

  • Activeer alleen de snap-types die je nodig hebt.

  • Gebruik bij voorkeur curve-segmenten voor vloeiende bochten.

  • Gebruik een DTM alleen als hoogtebron als deze correct en actueel is.


Veelvoorkomende fouten vermijden

  • Gebruik geen aparte boogcommando's zoals "Teken boog via 3 punten" bij 3D-opbouw. Deze genereren alleen XY-gegevens zonder hoogte.

  • Controleer de lijn nadien met hoogteweergave of in 3D-weergave.



Was dit artikel nuttig?

Dat is fantastisch!

Hartelijk dank voor uw beoordeling

Sorry dat we u niet konden helpen

Hartelijk dank voor uw beoordeling

Laat ons weten hoe we dit artikel kunnen verbeteren!

Selecteer tenminste een van de redenen
CAPTCHA-verificatie is vereist.

Feedback verzonden

We stellen uw moeite op prijs en zullen proberen het artikel te verbeteren